U bent hier

Met 3 in bed: een discussie- en reflectiemoment over de veranderende relaties tussen cliënt en zijn formeel/informeel netwerk

'Respect voor vrijwilligers moet een cultuur worden'

Hulpverlening bestond in het verleden eenvoudigweg uit een cliënt en diens hulpverlener. Familie, vrienden, buren en anderen werden op afstand gehouden. Vandaag, nu vermaatschappelijking van de zorg een centraal topic is geworden, is het klimaat helemaal veranderd. Alle partijen, formeel en informeel, moeten de handen in elkaar slaan met de cliënt. Kenniscentrum WWZ nodigde 8 sprekers uit om hun ervaring en visie te delen met betrokkenen uit de sector. 

Als inleiding op het netwerkmoment, gaven Sjoert Holtackers en Rebecca Thys van het Kenniscentrum WWZ de deelnemers een introductie van de werking van de organisatie en de netwerkmomenten die het in het verleden reeds organiseerde. Daarbij kwam ook het cahier ‘Samenwerken werkt’ aan bod, een publicatie over intersectoraal samenwerken. Samenwerken werkt dus, en dit wordt voortgezet via inhoudelijke netwerkmomenten, samenwerking met zelforganisaties en netwerken. Hieruit spruit inspiratie, reflectie en ontmoeting voort.   

Ervaringen en verhalen

Het eerste onderdeel van de voormiddag bestond uit een reeks korte uiteenzettingen van vijf stakeholders die elk vrij verschillende organisaties vertegenwoordigden. Lief Van Bael, directeur van de vzw Gezin en Handicap, mocht de spits afbijten. Gezin en Handicap biedt steun en deskundigheid aan gezinnen die een kind met een  handicap hebben.

Lief Van Bael startte met een terugblik naar de situatie in de jaren ’80 en omschreef vanuit haar ervaring wat er al die jaren veranderd is. Aansluitend werd er verteld hoe ouders zich kunnen inleven en hoe hulpverleners dit kunnen vertalen naar hulpverleningsplannen. Erg belangrijk in de verstandhouding is volgens Lief Van Bael om met mededogen naar elkaar te kijken en in het zoekproces veel te investeren in loyaliteit. Tot slot werden ook de problemen in verband met persoonsgebonden financiering en de manier waarop er met schaarse middelen moet omgegaan worden aangeraakt.

Vrijwilligers vervullen een belangrijke brugfunctie

De tweede spreker kwam helemaal uit de stille Kempen. Nick Van Thielen is coördinator van de vrijwilligerswerking van VZW Ter Loke in Vosselaar, een welzijnsorganisatie die actief is in drie sectoren: de Bijzondere Jeugdbijstand, Integrale Gezinszorg en de Ondersteuning van Personen met een Handicap. Het werkt met ongeveer 200 jongeren. Van Thielen hield een vurig pleidooi voor vrijwilligerswerking. "Vrijwilligerswerking is niet evident, want men moet mensen uit een totaal andere leefwereld met elkaar proberen te matchen. De jongeren hebben bovendien vaak heel wat ‘bagage’ en het is moeilijk om bij hen ingang te vinden", zo vertelde Nick Van Thielen.

VZW Ter Loke werkt nog maar twee jaar met vrijwilligers, maar deze doelgroep vormt een essentieel onderdeel van de organisatie: ze vervullen een brugfunctie tussen de jongeren, de instelling en de maatschappij. Vrijwilligers geven de jongeren ook het gevoel dat zij de moeite waard zijn om zelfs zonder vergoeding iets met hen te doen. Een steeds terugkerende valkuil daarbij is echter dat de cliënt het verschil niet ziet tussen een professionele hulpverlener en een vrijwilliger.

Nick Van Thielen wees ook op het spanningsveld tussen de vrijwilliger en de organisatie. Begeleiders moeten achter de vrijwilligerswerking staan, wat een werk is van lange adem. De vrijwilligers moeten daarnaast ook alert worden gehouden voor het soms ruwe karakter van de cliënt. Tot slot is er ook de dunne deontologische grens een aandachtspunt, of meer specifiek het beroepsgeheim. Vrijwilligers hebben een hele informele band met de jongeren en komen vaak als eerste in contact met zware verhalen.

Vrijwilligers en diversiteit

Via Nicoleta Vandeputte, coördinator van de consultatiebureaus van Kind & Preventie, kwam de focus terug op Brussel te liggen. Nicoleta vertelde een verhaal over vrijwilligers en diversiteit. Kind & Preventie startte in 2009 met het project ‘Kracht en Kleur’. Dat kwam tot stand omdat de organisatie het besluit nam om zijn vrijwilligerswerking meer te spiegelen aan het beeld van de maatschappij en de ouders die zich aanbieden bij de bureaus.

Hiervoor was er een grondige mentaliteitswijziging nodig, bij de eigen organisatie en bij de partnerorganisaties. In 2018 bestaat de vrijwilligersdoelgroep uit een oude en een nieuwe garde. De voorbije jaren kwam er een instroom op gang door samenwerking met tal van organisaties zoals het Huis van het Nederlands. Nicoleta besprak ook enkele win-winsituaties en valkuilen voor de organisatie en de vrijwilliger van vreemde origine.

Het verhaal van Naziha Maher sloot hier perfect bij aan. Maher is coördinator psychosociale dienstverlening voor etnisch-culturele minderheden bij Kom op Tegen Kanker. Ze benadrukte om te beginnen om het belang van overleg met partners en doelgroep. Verder is het volgens haar belangrijk om laagdrempelig en transmuraal te werken. De vrijwilliger vervult ook bij hen een brugfunctie.

Kom op Tegen Kanker nam heel wat problemen waar bij het zorgverlenend personeel in verband met de etnisch-culturele minderen, zoals taal en het gebrek aan voldoende tijd. De organisatie zet daarom in op een groep vrijwilligers waarin de patiënt zich kan herkennen. Zo is bijvoorbeeld psychosociale en spirituele ondersteuning erg belangrijk, een gegeven waarmee de zorgsector weinig rekening mee houdt. Naziha Maher rondde haar betoog af met enkele sleutelfuncties van de vrijwilligers, zoals de ondersteuning bij taalproblemen of de doorverwijsfunctie en besprak nog kort hoe ook de hulpinstelling mee wordt genomen in het feedbackproces van de vrijwilligers.

De laatste spreker in de rij was Dorien Van Dormael, verantwoordelijke bij Steunpunt Mantelzorg. Ze besprak eerst de zorgdriehoek, waarin de zorgvrager, de beroepskracht en de familie de spelers zijn. Deze vorm van triadisch werken, het vormengeven van de relatie tussen de drie spelers, verloopt echter niet altijd evenwichtig en kan soms een ingewikkeld kluwen worden.

De familiegeschiedenis en de gevoeligheden daaromtrent was het volgende aandachtspunt. Bij veel patiënten zijn ook meerdere mantelzorgers betrokken. Soms zijn er ook veel meer dan drie partijen in bed. Lokale verwevenheid is ook erg belangrijk en wordt vaak vergeten.

Dorien legde ook de focus op enkele potentiële valkuilen, die ontstaan door nieuwe gezinsvormen, work-life balance, zorg op maat, verhuizen en afstand. De slotboodschap werd besteed aan morele plicht, die trouwens hoger ligt bij de moslimbevolking in ons land. Iedereen wordt in zijn leven vroeg of laat geconfronteerd met mantelzorg: het is iets des levens.

Tussen de lezingen kwamen er ook interactieve elementen aan bod. Deelnemers kregen vragen gepresenteerd zoals ‘Kijk je optimistisch of pessimistisch naar de ontwikkelingen in de mantelzorg?’ of ‘Hoe neemt u de toenemende diversiteit van mantelzorgers mee in uw organisatie?’

Reflectie

Na de vijf getuigenissen was het tijd voor reflectie. Benedicte De Koker, wetenschappelijk medewerker van Hogeschool Gent pikte in op het discours over de mantelzorgers. Ze wees op het feit dat professionele hulp en begeleiding ook een stressfactor kan zijn, een steunparadox. Zo kan het uit handen geven van zorg kan een gevoel van falen veroorzaken bij de mantelzorger of is ook het opgeven van privacy en autonomie een moeilijk gegeven. Feit is dat mantelzorgers een heel sterk eindverantwoordelijkheidsgevoel hebben ,wat het moeilijk maakt om de zorglast te verminderen.

Respect voor vrijwilligers moet een cultuur worden

Linda Struelens, coördinator van Eva vzw Brussel, volgde het spoor van de mantelzorg. Zij sprak over haar ervaring in kwetsbare buurten in Brabant en wees erop dat mantelzorgers vaak alleen staan op momenten waarop de professionele hulpverlening niet meer werkt en afwezig is. Ze benadrukte ook het belang van hulpverlening ‘A votre service’. "Indien we willen vermijden dat we onbewust veel mensen uitsluiten, moeten we de vraag stellen: hoe kunnen we helpen, wat is er nodig voor de patiënt", aldus Linda Struelens.

Tot slot hield Linda een pleidooi om van respect voor vrijwilligers en informele zorg een cultuur te maken. Het moet in alles afstralen zodat mensen zien dat het authentiek is. Dit is erg belangrijk in de vermaatschappelijking van de zorg.

De reflectiereeks werd afgerond door Kristin Nuyts, stafmedewerker van SAM (Steunpunt Mens en Samenleving). Kristin had een boodschap meegebracht over krachtgericht werken met sociale netwerken. De intentie om te werken met sociale netwerken heeft een heel empowerende insteek. Mensen versterken, hun netwerken uitbreiden, veel preventiever werken om de veerkracht te verbeteren in plaats van puin te ruimen zijn daar allemaal elementen van. SAM probeert om zoveel mogelijk in te zeten op het preventieve, vooraleer er een zorgvraag is.

Na de reeks voordrachten was het tijd voor de lunch, die gepaard ging met een break-out sessie. De deelnemers verdeelden zich in vier groepen en wisselden praktijkverhalen en aandachtspunten uit.

Sjoert Holtackers

sjoert.holtackers@kenniscentrumwwz.be
+32 (0)2 413 01 46

Rebecca Thys

rebecca.thys@kenniscentrumwwz.be
+32 (0)2 413 01 58

Klaar De Smaele

klaar.de.smaele@kenniscentrumwwz.be
+32 (0)2 413 01 59
Lees ook 
cover cahier

Hoe komt een kwalitatieve samenwerking tot stand? Welke vuistregels leiden tot een positief verhaal? Welke modellen bestaan er?

Welzijn
Zorg