U bent hier

Onderzoek informele hulp- en zorgnetwerken

Het Kenniscentrum WWZ voert sinds 2016 een onderzoek uit om na te gaan in welke mate kwetsbare Brusselaars kunnen terugvallen op een informeel netwerk van vrienden, familie of kennissen. Want zo’n netwerk maakt een wezenlijk verschil in de zorg en de kwaliteit van leven. De eerste resultaten van dit onderzoek worden verwacht tegen het voorjaar 2017.

Armoede is niet enkel een kwestie van inkomen, maar ook van sociaal isolement (gezondheidsenquête 2013, geciteerd in Brussels Armoederapport2016. Zo is bijvoorbeeld 17,2 procent van de 20 procent armste Brusselaars ontevreden over zijn sociale contacten, terwijl dat bij de rijkste 20 procent slechts 5,6 procent is. Of dat verschil in tevredenheid ook geldt voor de informele hulp- en zorgnetwerken van mensen, weten we niet. Daarover bestaan geen cijfers. Nochtans weten we dat mensen met kleine of grote zorgnoden erg gebaat zijn bij een sterk informeel netwerk om op terug te vallen. Daarom wilde het Kenniscentrum WWZ dit onderzoeken. Welke mogelijkheden bieden informele zorgnetwerken van kwetsbare Brusselaars? Welke draagkracht bieden zij in een grootstedelijke context.

Onderzoeksmethode

Eind 2016 namen jobstudenten 141 gestandaardiseerde interviews af bij verschillende lagen van de bevolking. Er werden ook 23 gesprekken gevoerd met kwetsbare mensen. Met die gegevens kan worden nagegaan of er een verband is tussen iemand zijn socio-economische positie en de draagkracht van zijn informeel netwerk. Een belangrijke vraag is ook of die netwerken sterk genoeg zijn om de zorg langer en meer geïntegreerd in de samenleving te laten verlopen. We willen ook nagaan wat voor kwetsbare Brusselaars de grootste moeilijkheden zijn.

Dit onderzoek is een initiatief van Inclusief Brussel, een overlegplatform van CAW Brussel, Brussels Platform Armoede, Samenlevingsopbouw Brussel en Kenniscentrum WWZ. Het doel is om in het denken over de vermaatschappelijking van de zorg ook aandacht te hebben voor armoede en sociale uitsluiting.