U bent hier

Dit is het tegengestelde van de anonimiteit van de grootstad

Thomas woont al meer dan een jaar in Samenhuizen. Sinds ze trouwden, trok Linde bij hem in. 

Thomas (27 jaar, doctoraatstudent): “Wij komen allebei uit West-Vlaanderen, maar ik woon al 4 jaar in Brussel. Eerst deelde ik een appartement met enkele leeftijdsgenoten. De manier van samenwonen hier is echter heel anders. Iedereen heeft zijn eigen woning in een groter geheel. Dat je hier met heel verschillende mensen samenwoont, spreekt me erg aan. In het normale leven zou ik niet meteen contact hebben met mensen uit de psychiatrie.”

Linde (26 jaar, advocate): “Hier staat het goed nabuurschap centraal, het contact met de andere bewoners. Het is niet de bedoeling dat wij mensen gaan helpen omdat ze een beperking hebben. Je maakt gewoon deel uit van elkaars leven. Integratie moet niks speciaal zijn.”

Thomas: “Wij zijn geen hulpverleners, wij zijn gewoon buren. Ik vind het erg fijn dat wij iets kunnen bijdragen, zonder veel speciaals te doen. Doordat je elkaar leert kennen, ontstaat er een relatie. Dat is niet altijd vanzelfsprekend en dat is ook niet altijd rozengeur en maneschijn, maar wel heel verrijkend.”

Linde: “Het is heel leuk dat je hier iedereen persoonlijk kent. Toen wij trouwden, hadden we al onze buren uitgenodigd en ze zijn allemaal naar de mis en naar de receptie gekomen. Dat was een hele daguitstap, met een busje. Ik vond dat prettig hoe zij meeleefden met ons. Toen we nadien aan iedereen een kleine bedanking stuurden, kwamen ze blij vertellen dat ze dat kaartje in hun brievenbus gevonden hadden. Dat schept een band.”

Thomas: “Ik vond het echt fijn dat ze allemaal de moeite hadden gedaan om te komen, want ons feest was in West-Vlaanderen.”

Linde: “Die contacten onder buren, daar gaat het om. Die verbondenheid. Wij wonen in het appartement naast de inkompoort en dan springen ze gemakkelijk eens binnen. Ik ben altijd blij als er iemand langskomt om een praatje te slaan. Of als ze bijvoorbeeld vrijdagavond iets gaan drinken, gaan wij soms mee. Dat zijn mooie momenten. Wat ons betreft mogen die contacten zelfs nog intensiever worden, samen brunchen bijvoorbeeld. Zo kregen we een uitnodiging voor een verjaardagsfeestje, maar dat was overdag. Wij konden er jammer genoeg niet bij zijn omdat wij allebei voltijds werken.”

 

Thomas: “Het grote pluspunt is dat je hier niet anoniem bent, dat je iets deelt met andere mensen. Op het bewonersoverleg spreken we samen dingen af, we komen elkaar tegen in de wasplaats of de rokersruimte, in de lente en de zomer is er de tuin. Tijdens het WK hebben we allemaal samen naar de Rode Duivels gekeken, dat was plezant. Zelfs voor mensen die normaal gezien niet graag voetbal kijken.”

Linde: “Een groot voordeel is dat je hier gewoon je eigen leven kan leiden. Dat is perfect combineerbaar met contact hebben met je buren. Het is niet zo dat je daar speciaal veel tijd moet insteken.”

Thomas: “Natuurlijk past het niet elke keer wanneer er iemand langskomt. Dan zeg je dat gewoon of vraag je om later eens terug te komen. Niemand neemt het ons kwalijk als we eventjes geen tijd hebben. Ik vind zo’n spontane bezoekjes wel fijn. Ik leg zelf niet altijd gemakkelijk het eerste contact, door hun spontaniteit maken zij dat vaak gemakkelijker. Dat dagelijks contact met mensen die anders zijn, relativeert trouwens je eigen zorgen en probleempjes. Zij bieden een ander perspectief, je leert anders kijken. En een extra knuffel kost niet veel moeite.”

Linde: “In zekere zin werkt dat bevrijdend, omdat je geconfronteerd wordt met mensen die met totaal andere dingen bezig zijn en die geen voeling hebben met de dingen waar wij in onze job mee bezig zijn. Dat werkt soms verfrissend.”

Thomas: “Ik kijk met bewondering toe hoe de begeleiders van De Lork en De Lariks voor de bewoners zorgen. Wij zijn geen hulpverleners maar vullen dat wel aan, gewoon door geïnteresseerd te zijn in waar zij mee bezig zijn. Je hebt hier nooit het gevoel dat je in een instelling zit, in een afgesloten hoek van de samenleving. Hier woon je samen, op een heel natuurlijke manier. Eigenlijk is daar weinig speciaal aan. Je moet echt geen bijzonder iemand zijn om hieraan deel te nemen. Je leeft gewoon samen met mensen die al bij al niet zo erg van elkaar verschillen. Door onze studies, ons werk, onze interesses en onze vriendenkring hebben wij een bepaalde manier van leven die wij normaal vinden. Terwijl ik hier in contact kom met een deel van de samenleving dat ik anders nauwelijks zou kennen. Mensen die anders eenzaam zijn of buiten de maatschappij vallen, kunnen op deze manier deelnemen aan de samenleving. Ik vind niet dat ik daar zelf iets voor moet opgeven. Ik win daar alleen bij. Indien er meer zo’n projecten zouden bestaan en moest dat bekender zijn, denk ik echt dat daar vraag naar zou zijn.”

Linde: “De koning heeft in zijn kersttoespraak overigens de intergenerationele contacten aangemoedigd. Ik denk dat het veel mensen goed zou doen.”

Lees ook 

Eind 2015 ging Dirk voor de eerste keer in zijn leven zelfstandig wonen.

Lees meer
verhaal

Nadat ze 16 jaar in de psychiatrie woonde, verhuisde Petra (32 jaar) eind 2015 naar Samenhuizen in Brussel.

Lees meer
verhaal

Martine: "Door mijn geheugenverlies kan ik niet meer alleen wonen."

Lees meer
verhaal

Jean: "Op den duur kreeg ik  problemen met mijn geheugen."

Lees meer
verhaal

Pia: "Samenwonen met mensen met een beperking, bevalt me zeer."

 

Lees meer
verhaal
bewoners samen

17 mensen, waarvan de helft zorg nodig heeft, kiezen ervoor om samen te wonen.

Welzijn
Wonen
Zorg
cover cahier

Naast jongeren en senioren wonen er ook volwassenen met een geheugenstoornis, een verstandelijke of een psychiatrische problematiek. Allen zijn blij om...

Wonen
stapel cahiers

Onze reeks cahiers maakt de vernieuwing-op-het-terrein mee zichtbaar.

Welzijn
Wonen
Zorg