U bent hier

Dr. Jo Butaye "De eerstelijnshulp heeft een belangrijke rol gespeeld tijdens deze crisis"

Het wijkgezondheidscentrum Medikuregem groeide uit een groepspraktijk met drie zelfstandige artsen in Anderlecht. Die werken inmiddels al meer dan 40 jaar in de wijk. In 2008 werd de praktijk omgevormd tot een wijkgezondheidscentrum, met inmiddels 4.400 patiënten en 30 medewerkers. De mutualiteit betaalt maandelijks een forfaitaire vergoeding per ingeschreven patiënt, voor gratis eerstelijns gezondheidszorg door huisarts en verpleging.

Jo Butaye, huisarts: “In Kuregem wonen veel migranten, kwetsbare groepen en mensen met een laag inkomen. Ook mensen zonder inkomen, daklozen of mensen zonder papieren zijn bij ons welkom. Wij ontvangen gemiddeld 86 patiënten per dag. Daarnaast zijn er ook consultaties bij verpleegsters, een psycholoog, sociaal assistent, diëtiste, enzovoort. Er is ook extra aandacht voor preventie en gezondheidsondersteuning door een gezondheids-promotrice. Onze medewerkers vormen een sterk team. Niet iedereen kiest ervoor om in een arme wijk te werken, maar het is hier erg boeiend, met een publiek dat ons heel dankbaar is.

Het Covid-kabinet

Door de lockdown half maart veranderde plots heel onze werkorganisatie. Wij hebben onze praktijk bijna meteen volledig gesloten. We wilden zo weinig mogelijk mensen in huis of samen in de wachtzaal. Patiënten konden wel nog bellen, en waar mogelijk werden klachten telefonisch opgevolgd. Wanneer iemand bijvoorbeeld veel pijn had of zware klachten, kon die op consultatie komen. Die afspraken gingen door op het gelijkvloers, en de kuisploeg zorgde ervoor dat alles voortdurend ontsmet werd. Aan de telefoon was er door het onthaalteam ook al een triage of iemand covid-klachten had. Wie een infectie aan de luchtwegen had, werd ’s avonds naar de praktijk uitgenodigd. Daar hadden we een apart kabinet voor de covid-consultatie, dicht bij het onthaal, om besmetting in het gebouw te vermijden. De dokter droeg dan beschermende kledij en alles werd extra ontsmet.

Eén van onze jonge artsen kreeg de taak om alle corona-maatregelen op te volgen – zij was onze ‘covid-commissaris’. Met ons team vergaderden we wekelijks met Zoom, zo waren de aangepaste werkorganisatie en de richtlijnen altijd voor iedereen duidelijk. Iedereen paste zich flexibel aan. Enkele jonge artsen zijn gaan helpen in de triagecentra aan de ziekenhuizen. Patiënten zijn ingesprongen om mondmaskers te maken. Toen onze covid-commissaris ziek werd, nam iemand anders die taak over, zij hebben dat prima gedaan. Ook het werk van de coördinatrice van ons centrum was heel belangrijk om alles in goede banen  te leiden!

Ik behoor zelf tot de risicogroepen en ben meteen gestopt om patiënten te ontvangen – dat was zowel voor hen als voor mij veiliger. Ik heb drie maanden van thuis uit gewerkt. Wanneer een van mijn patiënten naar de praktijk belde, werd hun vraag genoteerd, en nadien belde ik hen op. Ik ken mijn patiënten al lang, veel routineklachten zoals maagpijn, rugpijn of hooikoorts kon ik telefonisch oplossen. Wie ik niet meteen kon helpen, stuurde ik op consultatie bij een jongere collega op de praktijk.

Ik behoor zelf tot de risicogroepen en ben meteen gestopt om patiënten te ontvangen – dat was zowel voor hen als voor mij veiliger

Aan onze patiënten die chronische medicatie nodig hebben, gaven we meteen een voorschrift voor drie maanden, dan waren ze zolang toch al gerust. We zijn dat bij iedereen in de bus gaan steken, samen met een overzicht van de veiligheidsmaatregelen - binnen blijven, handhygiëne, afstand houden - en een brief dat ze zeker op ons konden blijven rekenen en altijd mochten bellen. Alle collega’s zijn blijven werken. Naast de artsen waren ook de verpleegsters en onze gezondheidspromotrice in de weer om kwetsbare patiënten te contacteren en te ondersteunen. Ook de diëtiste, psychologen en maatschappelijk assistent hielden van thuis uit telefonisch contact met hun cliënten, met extra aandacht voor kwetsbare mensen die psychisch lijden, om hen preventief te ondersteunen. Onze patiënten hebben het enorm gewaardeerd dat we hen regelmatig opbelden.

Angst en geruststelling

Ik heb elf patiënten gehad die besmet waren met corona, waarvan zeven min-60-jarigen. Vier oudere patiënten zijn overleden. In de hele praktijk zijn er tientallen covid-patiënten, waarvan er zeven  overleden zijn. Ik belde mijn covid-patiënten twee keer per dag op, zeven dagen per week. Ik vroeg hen hoe het met hen ging, of ze vlot konden ademen, of ze koorts of pijn hadden. Zo kon ik beoordelen of ze misschien toch beter naar het ziekenhuis gingen. Dat wilden de patiënten liever niet, ze bleven liever thuis.

Eén was een Marokkaanse 80-plusser met dementie die vroeger al meermaals in het ziekenhuis was opgenomen. We vroegen ons toen al af of al die pijnlijke onderzoeken nog zinvol waren en of hij niet beter thuis bleef. Toen hij covid kreeg, hebben we in overleg met zijn echtgenote en familie besloten om hem thuis te houden, zodat zijn familie bij hem was om afscheid te nemen. Een andere man is ziek geworden na een opname in een revalidatiecentrum waar covid was. Voor zijn familie was het zwaar om hem te verzorgen, maar die man wilde niet terug. Hij is thuis gestorven, goed omringd door zijn vrouw en dochter. In beide situaties was thuis blijven beter dan anoniem in een ziekenhuis liggen, zonder bezoek. Een andere patiënt, die half verlamd in een woonzorgcentrum woont, is met klachten naar het ziekenhuis gegaan. Op korte tijd is er bij hem zowel een longembolie, darmkanker als covid vastgesteld, maar inmiddels is hij hersteld. Overigens was een van de eerste patiënten die in België overleden is, een Marokkaanse oma die hier om de hoek woont. Eén van haar dochters, een veertiger, kreeg het ook en ligt al lang in het ziekenhuis. Ook jongere mensen worden besmet. Eén van onze jongere collega’s is overigens ook een maand thuis moeten blijven.

In beide situaties was thuis blijven beter dan anoniem in een ziekenhuis liggen, zonder bezoek.

Veel patiënten waren heel angstig, we moesten hen voortdurend gerust stellen. Ze volgden de richtlijnen van overheid heel nauw op, beter dan ik had verwacht. Sommigen dachten dat ze nooit buiten mochten komen, of hadden schrik als hun kinderen op bezoek kwamen. Daar praatten we dan over, dat hielp. Ze hebben nu nog altijd schrik om naar de praktijk te komen, er komen veel minder mensen dan we gewoon waren.

Onze populatie is stevig getroffen. In Anderlecht werden 7,27 inwoners per 1000 besmet, in onze praktijk zaten we zeker boven dit gemiddelde. In Kuregem wonen mensen dicht op elkaar, vaak met grote families die klein behuisd zijn. Zij worden ook economisch zwaar getroffen, en veel kinderen lopen schoolachterstand op. De kans is groot dat deze pandemie nog lang duurt, ik vrees een tweede uitbraak. Wij hebben onze manier van werken inmiddels wat versoepeld, maar blijven toch waakzaam.

Lessen uit de crisis

Het forfait-systeem van ons wijkgezondheidscentrum heeft zijn deugdelijkheid bewezen. Wij moesten ons niet om het financiële bekommeren, en konden ons richten op wat nodig was. Er gaan nu zelfs stemmen op om het forfaitsysteem ook in te voeren in ziekenhuizen. Die staan immers onder financiële druk omdat zij volledig gericht zijn op prestatiegeneeskunde. De corona-pandemie heeft nog maar eens duidelijk gemaakt dat dat systeem aan herziening toe is. Overigens heeft de eerste lijn een belangrijke rol gespeeld tijdens deze crisis: door de triage van de huisartsen zijn veel mensen niet onnodig naar het ziekenhuis gegaan. Ik hoop dat men het belang van de eerste lijn blijft inzien.

Er gaan nu zelfs stemmen op om het forfaitsysteem ook in te voeren in ziekenhuizen.

Ik hoop dat de overheid hier lessen uit trekt. Dat er minder middelen naar prestatiegeneeskunde en meer naar forfaitaire vergoedingen gaan. Dat er meer aandacht komt voor preventie. Dat iedereen beseft dat we ons enkel kunnen redden door solidariteit, zowel op micro- als op macroniveau. Als het ‘ieder voor zich’ is, kan je zo’n crisis niet beheren. Het doet je ook nadenken over ‘waar draait het om in het leven’, ‘wat is de impact van wat we doen op onszelf en op anderen, zowel ecologisch als sociaal?’ Hopelijk wordt het niet te snel ‘we doen weer zoals vroeger’.”

 

Lees ook 
afstand maakt ons sterker

Lees hier hoe de Coronacrisis het werk van de hulpverleners beïnvloedt.

Welzijn

LDC Miro in Vorst is één van de drie lokale dienstencentra van LD3 vzw. Gedurende 2,5 maand moesten zij hun deuren sluiten wegens de corona-pandemie.

Mina (rechts) "Ontzettend veel mensen worden getroffen."

Sinds 2015 richt de zelforganisatie ADIB (Action et Dialogue Bruxelles) zich tot kwetsbare mensen in Molenbeek. Door de lock down half maart viel hun...

Welzijn
studenten aan het werk

Brusselse zelforganisaties staan mee in de frontlijn. Edwige Abena over de precaire situatie van studenten met Afrikaanse roots.

Welzijn